Project: Visie ondergrond
Opdrachtgever: | |||
Periode: | Van 2006 tot 2007 |
||
Contactpersoon: |
Zwolle
De gemeente Zwolle heeft behoefte aan ordening en beleid in de ondergrond. De gemeente heeft TTE gevraagd om samen met haar ambtenaren als basis voor dit beleid een visie op de ondergrond op te stellen. De visie legt een relatie tussen de ondergrond en de andere beleidsvelden, levert de input voor verschillende plannen en structureert werkzaamheden. In de visie op de ondergrond wordt integraal naar alle aspecten aangaande de ondergrond gekeken.
Zwolle is niet de enige gemeente die zich op een beleid voor de ondergrond oriënteert. Andere gemeenten, maar ook landelijke beleidsmakers zijn volop met dit onderwerp bezig. Zwolle loopt echter wel voorop, en moet het beleid zelfstandig invullen. Het is belangrijk om daarbij van gedachten te wisselen met betrokken actoren. Voor het opstellen van de visie op de ondergrond is daarom een projectgroep ingesteld waarin ambtelijke vertegenwoordigers van de gemeente en adviseurs van TTE zitting hebben. De projectgroep is verantwoordelijk voor de voortgang, samenhang en kostenbeheersing van het project.
Achtergrond
Net zoals in de rest van Nederland neemt in Zwolle het aantal gebruikers van de ondergrond toe. Maar het gebruik van de ondergrond is niet onbeperkt, vooral niet omdat verschillende gebruiken elkaar beïnvloeden. De ondergrond is een dynamisch systeem, en het wordt vol. In de nabije toekomst moeten keuzes worden gemaakt wie voorrang krijgt bij het gebruik. Nu al worden dergelijke beslissingen impliciet genomen. Het toestaan van een stabiele eindsituatie in de ondergrond van een bodemverontreiniging betekent dat die ondergrond niet zondermeer voor andere gebruikers beschikbaar is. Het gebruik van de ondergrond wordt door verschillende wettelijke kaders, richtlijnen en beleidsplannen bepaald. Veel van die stukken worden herzien, zoals de Wet bodembescherming en Grondwaterwet, andere zijn in ontwikkeling, zoals de Europese Grondwaterrichtlijn of de ruimtelijke ordening van de ondergrond (zie ook: TTE project ‘Toekomst van de ondergrond’). De ene wet of regeling richt zich vooral op kwantiteit, de andere juist op kwaliteit. Vanuit verschillende (beleids)trajecten binnen de gemeente Zwolle wordt gevraagd om beleid voor de ondergrond en al die trajecten hangen op een of andere manier met elkaar samen. Voorbeelden zijn het waterplan, de watervisie, het gebiedsgerichte milieubeleidsplan en het bodemsaneringsbeleid ten aanzien van diepe grondwaterverontreinigingen.
Werkwijze
De visie op de ondergrond beschrijft de huidige situatie en de gewenste situatie. Het eigenlijke hart van de visie op de ondergrond zijn de programma’s waarlangs de huidige situatie in de gewenste situatie gewijzigd gaat worden. Aan het begin van het traject is een quickscan opgesteld waarmee trends kunnen worden geïdentificeerd. In de quickscan zijn alle wetten, beleidsstukken, trends en richtlijnen geïnventariseerd die iets te melden hebben over het gebruik van de ondergrond. De volgende stap is het opstellen van een beschrijving van de huidige situatie, hiermee is het vertrekpunt van de visie vastgesteld.
De toekomstige situatie wordt bepaald en beïnvloed door alle trends, wetten en beleidsstukken die nu en in de toekomst zullen worden gemaakt. De toekomst is allerminst zeker. Door middel van een “scenariostudie” zal getracht worden de gewenste eindsituatie vast te leggen. Deze methode is gebaseerd op de gedachte dat de toekomst niet te voorspellen is; je kunt je er echter wel op voorbereiden door over mogelijke ontwikkelingen na te denken.
Scenariostudie
Samen met de gemeente Zwolle heeft TTE vier workshops georganiseerd met als thema “Scenario’s voor de Zwolse visie op de ondergrond”. De workshops werden geleid door Ed Dammers (RPD). Aan de workshops namen vertegenwoordigers deel van o.a. de gemeente Zwolle, Waterschap Groot Salland, het Ministerie van VROM, Vitens, KIWA, TNO, KvK, adviesbureaus en het bedrijfsleven.
De scenariomethode bestaat uit vier onderdelen:
- huidige situatie in beeld brengen;
- toekomstig verloop van ontwikkelingen verkennen;
- alternatieve visies op de ondergrond verkennen;
- bouwstenen voor de visie op de ondergrond leveren.
Per onderdeel leverden de workshopdeelnemers een aantal ideeën, die in een eindrapportage uitgewerkt worden. Deze rapportage levert bouwstenen voor de uiteindelijke visie op de ondergrond.
Visie
Met de bouwstenen uit de scenariostudie worden verschillende visies geformuleerd waarna uiteindelijk de gewenste toekomstsituatie, de visie, wordt gekozen. Op basis daarvan kunnen de bijbehorende activiteiten worden benoemd, geprioriteerd, en vertaald naar thema’s. De thema’s worden tenslotte vertaald naar uitvoeringsprogramma’s waarin de maatregelen voor de komende vijf jaar zijn benoemd, inclusief kosten, verantwoordelijke instantie en eventuele fasering. De horizon van de visie is ca. 15 tot 20 jaar. De visie op de ondergrond zal naar verwachting eens per 10 à 15 jaar worden herzien. Het is een Zwolse visie maar het is ook een visie voor anderen. Bij voorkeur een visie waaraan ook andere besturen (bijv. Waterschap, provincie, Vitens) zich committeren en deze integreren in hun uitvoeringsprogramma’s.
