Project: Industrieterrein NV Organon
Opdrachtgever: | |||
Periode: | Van 2005 tot - |
||
Contactpersoon: |
Sinds 1946 produceert NV Organon (voormalig Diosynth) op het industrieterrein Vlijtseweg grondstoffen voor de farmaceutische industrie. De grond en het grondwater van dit ca. 3,5 ha grote terrein is vooral met in de productie gebruikte oplosmiddelen verontreinigd geraakt. Het terrein ligt inmiddels in het stedelijk gebied en valt binnen de zogenaamde kanaalzone Apeldoorn, een stedenbouwkundig plan van de gemeente Apeldoorn om de omgeving van het Apeldoorns kanaal te integreren in de stad. Op grond van de beschikking Ernst en Urgentie is NV Organon in 2007 gestart met de sanering van het terrein. Gezien de ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving van de locatie en problemen bij de aanpak van het aangrenzende terrein heeft NV Organon TTE gevraagd een visie en strategie voor de aanpak van het terrein op te stellen.
Achtergrond
NV Organon produceert grondstoffen voor de farmaceutische industrie, onder andere alkaloïden en antidepressiva. Papaver vormde in het verleden de belangrijkste grondstof. Door extractie met organische oplosmiddelen werd hieruit morfine en codeïne verkregen. De grond- en grondwaterverontreiniging zijn direct gerelateerd aan destijds gebruikte extractiemiddelen. Sinds 1988 wordt ruwe morfine als grondstof ingekocht en vindt er geen extractie meer plaats. De verschillende bronnen bevinden zich nu over het gehele Organonterrein en zijn lastig te lokaliseren en te verwijderen omdat het bedrijf nog in productie is. Verplaatsen van de bedrijfsactiviteiten ligt niet voor de hand. NV Organon heeft recent veel geïnvesteerd in deze locatie die volgens het nieuwe stedenbouwkundige plan van de gemeente ligt in een gebied waar industrie niet wenselijk is.
Omgevingsfactoren
Geologisch gezien ligt de locatie op de overgang van het Veluwemassief naar de IJsselvalei. Een complex geheel van zand en grindlagen, onderbroken door veenlenzen en al dan niet aaneensluitende kleilagen.
Op regionale schaal is sprake van een noord-oostelijke grondwaterstroming: regenwater infiltreert op de Veluwe en stroomt onder Apeldoorn door naar de IJsselvalei. Op lokaal niveau heeft het Apeldoorns kanaal grote invloed, maar ook de beken en de grondwateronttrekkingen zijn van belang. Door de complexe bodemopbouw is het niet mogelijk de locatie via "in-situ" technieken te zuiveren. De verontreingingsbronnen bevinden zich deels in drijflagen, deels in zaklagen. Het afgraven van het terrein is, mede door de ligging naast het Apeldoorns kanaal, technisch en financieel niet haalbaar. Om het risico voor verspreiding te kunnen voorspellen en eventuele maatregelen te kunnen dimensioneren is najaar 2006 een geohydrologische modellering uitgevoerd.
Probleemanalyse
De probleemanalyse vormt een belangrijk onderdeel van de saneringsvisie. Naast de al genoemde verontreinigingssituatie en ruimtelijke ontwikkelingen worden hierbij bodemopbouw, geohydrologie en bedrijfs(economische) aspecten meegenomen. Een belangrijke actor en bevoegd gezag Wbb is de provincie Gelderland. Daarnaast spelen er diverse ontwikkelingen binnen de gemeente Apeldoorn. De gemeente wil ruimte bieden voor een gebiedsgerichte aanpak van diepe grondwaterverontreinigingsvlekken omdat er vele, elkaar soms overlappende, grondwaterverontreinigingen in de ondergrond aanwezig zijn. Door schaalvergroting kunnen kosten voor sanering en beheer aanzienlijk omlaag. Ook bij het Organonterrein is sprake van aangrenzende verontreinigingen. De gebiedsgerichte aanpak staat op gespannen voet met de herontwikkelingen zoals voorgesteld in het stedenbouwkundig plan Kanaalzone Apeldoorn.
Realisatie
In de probleemanalyse worden de randvoorwaarden voor de saneringsvisie vastgesteld. Vervolgens worden de eisen en wensen van de betrokken partijen (naast NV Organon o.a. de provincie, de gemeente en het waterschap) geïnventariseerd en wordt de voor NV Organon optimale aanpak vastgesteld. Een aanpak die eind 2006 in een saneringsplan is vastgelegd en, conform beschikking, in 2007 is gerealiseerd. TTE vervult in dit project zowel de rol van inhoudelijk adviseur (opstellen saneringsvisie en saneringsplan) als van procesmanager.
