Project: Ingenieursdag Noord-Nederland
Opdrachtgever: | |||
Periode: | Van 2008 tot - |
||
Contactpersoon: |
Leeuwarden
Tijdens de jaarlijkse ingenieursdag Noord-Nederland discussieerden begin 2008 150 ingenieurs over belangrijke bodemthema´s. De ingenieursdag is een initiatief van de drie noordelijke provincies en de gemeenten Emmen, Groningen en Leeuwarden. Gastheer was dit jaar de heer Harmen de Haas, dienstdirecteur Stadsontwikkeling en -beheer van de gemeente Leeuwarden. De dagvoorzitter tijdens deze bijeenkomst, gehouden op 20 mei 2008, was Koen Weytingh (TTE).
Met praktijkgerichte thema´s zoals kwaliteitsborging, de gebiedsgerichte benadering van bodemenergie en praktijk in Noord Nederland, hebben de initiatiefnemers voor een inspirerende en prikkelende bijeenkomst gezorgd.
Kwaliteitsborging bodemonderzoek
De ochtendsessie stond in het teken van kwaliteitsborging van bodemonderzoek. Mogelijk stoffig, maar de presentaties vormden het startsein voor een stevige discussie. Berend Tirion (Provinsje Fryslân) schetste namens het bevoegd gezag een weinig vleiend beeld van ‘de adviseur'. Aan Maurice Henssen (Bioclear) de ondankbare taak dat beeld te weerleggen. Een peiling in de zaal liet zien dat de adviseurs zelf erg tevreden waren over de kwaliteit van hun werk. Als inkoper van grootsaneerder SBNS liet Mart Jansen (SBNS) het belang van certificering zien. Nadat Liesbeth Groote Schaarsberg (VROM-inspectie Noord-Nederland) gesproken heeft over de controle op naleving van de protocollen is de zaal het over één ding eens. Certificering, bedoeld om ‘rotte appels' te verwijderen, moet uitvoerders niet te veel hinderen bij hun taak.
Van beschermen naar gebruiken
Het werkveld van de bodemingenieurs verandert snel. Ging het vroeger vooral over het beschermen, tegenwoordig staat veelal het duurzaam gebruiken van de bodem centraal. Krijn Braber van Build Desk schetste de potentie van Warmte-Koude opslag (WKO), Bas Godschalk (IF Technology) gaf een overzicht van de technische mogelijkheden en Elbert Dijkgraaf (Erasmus Universiteit Rotterdam) behandelde de economische kant. Jacco Wanders (TTE) ten slotte, gaf aan welke criteria bepalen of de bodem geschikt is voor WKO, waar deze gebieden in Noord-Nederland liggen, en waar dit bovendien zou kunnen samengaan met bodemsanering. De potentie is gigantisch, maar in de praktijk moeten nog vele sectorale blokkades worden geslecht.
De praktijk
De dag werd besloten met de praktijk. Wim Bijsterbosch (Gemeente Emmen) presenteerde het ontwerp voor het nieuwe WKO-systeem voor het gemeentehuis in Emmen. Vervolgens ging Fokke Jansma (DHV) in op de jongste ontwikkelingen rond het project Evenblij in Hoogeveen en toonde Gerard ten Haave (Oranjewoud) de aanpak van het voormalige gasfabrieksterrein in Oude Pekela. Tobias Praamstra (Tauw) liet daarna zien hoe CO2 als maat kan worden gebruikt om het overall effect van bodemsanering te kwantificeren.
In de laatste presentatie toont Jan Willem Oudhof (Gemeente Leeuwarden) de overeenkomsten tussen archeologisch en milieukundig bodemonderzoek. Zijn conclusie zette de aanwezige bodemingenieurs weer aan het denken: archeologisch bodemonderzoek is intensiever, nauwkeuriger, gaat tot grotere diepte en schetst beter de algemene processen dan het milieukundig bodemonderzoek!
