Project: Teerput: saneringsvisie en aanvullend onderzoek

Opdrachtgever:

Provincie Overijssel

Periode:

Van 2005 tot 2006

Contactpersoon:

Annelies Everts

Gerben van der Sterren


Vasse

Op circa 1,5 km ten zuidoosten van het dorp Vasse (gemeente Tubbergen) is vanaf het midden van de jaren '50 tot het begin van de jaren '70 zuurteer gestort in twee voormalige zandafgravingen. Na het beëindigen van de stortperiode zijn beide teerputten afgedekt met zand, daarnaast is in één van de putten de zuurteer geneutraliseerd met een kalkzandmengsel. Op verschillende plaatsen kwam in de loop der jaren vloeibare teer aan maaiveld als gevolg van instabiliteit van de ondergrond (teererupties). Vooruitlopend op een meer definitieve oplossing zijn deze teererupties in 2003 afgedekt met een folie en is het terrein in 2005 voorzien van een hekwerk. In opdracht van de provincie Overijssel heeft TTE een saneringsvisie (januari 2005) opgesteld en vervolgens een aanvullend onderzoek op locatie laten uitvoeren. Hiermee is de verontreinigingssituatie in beeld gebracht en kon vervolgens een saneringsonderzoek worden opgesteld.

Locatie

fotovasse2zGeohydrologisch gezien ligt het gebied op de stuwwal van Ootmarsum net boven de slenk van Reutum de lokale bodemopbouw is hierdoor complex. De teerputten liggen in dit reliëfrijke gebied waaraan een hoge landschappelijke waarde wordt toegekend. Witco Chemicals heeft vanaf midden jaren '50 zuurteer gestort in de putten. Zuurteer was het afvalproduct van de productie van witte oliën en vaseline uit aardolie. In eerste instantie is alleen in één van de putten zuurteer gestort. In 1968 is die put afgedekt met zand. Na het afdekken is er zuurteer in de zuidelijk gelegen, tweede teerput gelopen. Deze put is in 1975 geneutraliseerd en afgedekt. Het afwerken van de teerput verliep niet volgens plan, daarom zijn er op het terrein naast de putten sleuven gegraven, waarin zuurteer is verwerkt. Ten noorden van de teerputten liggen nog twee voormalige zandwinputten, die in de periode 1976-1984 zijn volgestort met huisvuil. De twee vuilstorten zijn inmiddels afgedekt met folie en zand.

Saneringsvisie

In de saneringsvisie zijn de (destijds) beschikbare gegevens geëvalueerd en is geïnventariseerd welke saneringsmaatregelen daar op termijn uit zouden kunnen voortvloeien. Op en rondom de locatie was slechts beperkt veldonderzoek uitgevoerd, de verontreiniging is grotendeels aan de hand van de historie, luchtfoto's, radaronderzoek en boorprofielen in kaart gebracht. De nadruk lag hierbij op het achterhalen van de omvang, de ligging en de opbouw van de teerputten, maar ook op het vaststellen van de samenstelling en herkomst van de zuurteer en de kwaliteit van grond en grondwater. Met betrekking tot de geschetste geohydrologische omstandigheden en het verontreinigingsbeeld bestonden echter nog een aantal onderzekerheden. TTE heeft daarom in mei 2005 opdracht gekregen om aanvullend onderzoek uit te voeren. Het doel van het aanvullend onderzoek is om de locale bodemopbouw nabij de putten, de omvang van de putten, het uitlooggedrag en de verspreiding van zuurteer en de effecten op het ecosysteem vast te stellen.

Aanvullend onderzoek

fotovasse5In december 2005 is, onder begeleiding van TTE, veldonderzoek uitgevoerd bestaande uit boringen in en rondom de zuurteer, sonderingen en het nemen van zuurteer- en grondwatermonsters. Om de bodemopbouw beter in kaart te brengen zijn allereerst een aantal sonderingen verricht. Vervolgens is de diepte van de zuurteerputten onderzocht door boringen door de zuurteer. Dit was zeer lastig gezien de teereigenschappen en benodigde veiligheidsmaatregelen. Met de Geoprobe zijn per meter ongeroerde teermonsters gestoken. Het hart van de Geoprobe is een hydraulisch aangedreven trilblok die kracht levert om de doorzichtige liners de grond in te drukken en bodemmonsters te steken. Onder en rondom de teerputten zijn een aantal peilbuizen gezet om het grondwater te kunnen analyseren op onder meer zuurteercomponenten. Een aantal monsters van de zuurteer zijn onderzocht met een zuurteerkarakterisatie. Dit is een analysemethode die is ontwikkeld door TTE in samenwerking met de Universiteit Twente. De grondwateranalyse is vergeleken met de zuurteerkarakterisatie.
Uit het onderzoek blijkt dat er twee typen stoffen uit de zuurteer uitlogen: de olieachtige stoffen en de sulfonzuren. Van de sulfonzuren bleken de benzeen- en tolueensulfonzuren de best oplosbare. Deze componenten zijn daarom als tracer gebruikt. Uit het karakterisatieonderzoek blijkt dat de zuurteer kan oplossen in water. De aangetroffen (beperkte) grondwaterverontreiniging is dan ook het gevolg van de in bodem aanwezige zuurteer.

Vervolg

Nu, door het uitgevoerde onderzoek de (complexe) bodemopbouw, de grondwaterstroming en de verontreinigingssituatie goed in beeld zijn gebracht, is het tijd voor vervolgstappen. De provincie Overijssel heeft ervoor gekozen om in samenwerking met de VROM inspectie en het RIVM interim interventie waarden vast te stellen voor de meetbare zuurteercomponenten. Hiermee is het aanvullend onderzoek definitief vastgesteld. Onder begeleiding van TTE en de Provincie is vervolgens een saneringsonderzoek opgesteld waarbij verschillende saneringsvarianten worden vergeleken en afgewogen.
Na het afronden van de hier beschreven werkzaamheden (saneringsvisie, saneringsonderzoek) heeft TTE opdracht gekregen voor de procesbegeleiding van de sanering van de Teerput (klik hier).